‘De eenzaamheid van het westen’

De eenzaamheid van het westen (De Geus, 2010)

De eenzaamheid van het westen is een intrigerende roman over een jonge Canadese schilderes die eerst in Vlaanderen en daarna in Canada een manier zoekt om het verlangen naar afzondering en mythologie van de mensen die haar omringen te tekenen.

DeEenzaamheidVHWestenLR

Lees meer

Aan het einde van de negentiende eeuw emigreren honderdduizenden mensen vanuit West-Europa naar Canada, waar de mogelijkheden onbegrensd lijken. Ook de ouders van Cassandra willen er een nieuw en anoniem leven beginnen. Haar vader laat zich verleiden door het goud dat in het barre noorden lonkt. Haar moeder stapt op de eerste trein die zich aandient en belandt in Halifax, Nova Scotia waar ze zich begraaft tussen haar spijkerschriftteksten en de lijken die ze balsemt.

Cassandra’s tekentalent wordt opgemerkt door Meneer Francke, een Belgische schilder die zijn geloof in de schilderkunst heeft verloren en nu alleen nog vertrouwt op geschreven woorden.

Cassandra’s talent voert haar naar de naoorlogse slagvelden in Vlaanderen. Ze leert er dat ze haar lot niet kan ontlopen, maar dat ze daardoor haar kunst ook een eigen stem kan geven.

Leesfragment

Ik was lichter dan hun blik.

“Oud wijf”, zeiden Nummer Vier en Vijf toen ik hen te laat voor school de deur uitjoeg en hen die avond met dezelfde grijns op hun gezicht onder het puin van Halifax terugvond.

“Niet janken”, zeiden Nummer Eén en Twee voor ze naar de oorlog vertrokken en ze sloegen hun lange armen rond me heen en fluisterden “Mammie, mammie”  in mijn oor.

“Ga weg”, zei Meneer Francke. “Ga nu eindelijk weg.”

En dus ga ik weg. Naar een land dat ik niet ken, maar dat door mijn moeder op mijn huid kleeft.

Lees nu al hoofdstuk 2 van De eenzaamheid van het westen